DELEN

Een team van onderzoekers aan de Yale School of Medicine en de Penn. State College of Medicine, hebben een verontrustende relatie gevonden tussen de tijd van vaccineren van kinderen en het ontstaan van bepaalde hersenaandoeningen.

Ze hebben gedurende 5 jaar de gegevens van kinderen in de leeftijd van 6-15 geanalyseerd. Deze gegevens  kwamen van particuliere ziektekostenverzekaars. De wetenschappers ontdekten dat jongeren die gevaccineerd waren toen ze drie tot twaalf maanden oud waren significant meer kans hadden om te worden gediagnosticeerd met bepaalde neuropsychiatrische aandoeningen dan de niet-gevaccineerde kinderen. Deze nieuwe studie roept dan ook de belangrijke vraag op over het risico van vaccineren van kinderen omdat je mogelijk immuun- en neurologische schade veroorzaakt met name bij de groep van kwetsbare kinderen (iets wat de ouders van kinderen met autisme al jaren zeggen). Meer dan 95.000 kinderen zijn in de database geanalyseerd en een op de zeven had een neuropsychiatrische aandoening: anorexia nervosa, angststoornissen, Attention Deficit Hyperactivity Disorder (ADHD), bipolaire stoornis, depressie, obsessieve-compulsieve stoornis (OCD) of tic-stoornis. Wat er uitsprong was dat kinderen die gevaccineerd waren 80 procent meer kans hadden om te worden gediagnosticeerd met anorexia en 25 procent meer kans op OCS dan hun niet-gevaccineerde tegenhangers. Gevaccineerde kinderen hadden ook meer kans te worden gediagnosticeerd met een angststoornis en met tics vergeleken met de controlegroep.

Belangrijk is dat het ondertussen noodzakelijk wordt dat we erachter komen welke vaccins, of een combinatie van vaccins, schuldig zijn aan deze risicofactoren en waarom sommige kinderen gevoeliger zijn dan andere.

Bron: klik hier

Ed van der Post

DELEN