DELEN

Stevia

Al honderden jaren gebruiken inheemse volken in Brazilië en Paraguay de bladeren van stevia als zoetstof. Met name door de Guarani-Indianen zijn de unieke voordelen van stevia of ‘kaa he-he’ (een inheemse term die als “zoet kruid” vertaald kan worden) bekend geworden. Deze inheemse mensen kenden de bladeren van de wilde steviastruik (uit de Amambay-bergstreek) en gebruikten ze in theevorm, medicinale drankjes of ze kauwden er simpelweg op vanwege de zoete smaak. In 1887 is stevia door een Italiaan, genaamd dr. Moises Santiago Bertoni, de directeur van het College van Landbouw in Asuncion in Paraguay, aan de wereld geïntroduceerd. Maar het duurde tot 1931 totdat stevia commercieel levensvatbaar werd. Belangrijk hierbij was dat in dat jaar twee Franse chemici stevioside isoleerden. Nu wordt het over de hele wereld gebruikt als zoetstof en tevens, hoewel minder vaak, voor duidelijke medische indicaties. In dit artikel zullen we deze indicaties onder de loep nemen en ons met name focussen op de positieve bijdragen van stevia bij de behandeling van de ziekte van Lyme.

Achtergond

Stevia is geen onbekende plant binnen de geneeskunde. Zo schrijven in Paraguay artsen steviathee voor tegen diabetes en worden hiervoor in Brazilië steviacapsules gebruikt. Maar het wordt ook voorgeschreven om het spijsverteringsproces te reguleren en de energie te verhogen. Het witte steviapoeder lijkt ook tandbederf te voorkomen. In China en Azië drinken mensen steviabladthee vanwege de voordelen op het gebied van anti-aging. Er zijn op dit moment al meer dan honderd verschillende stoffen ontdekt in de stevia. Steviabladeren bevatten acht terpene glycosiden, geïdentificeerd als stevioside, rebaudoside A, B, C, D en E en dulcoside A en C. De belangrijkste glycosiden zijn stevioside en rebaudoside A (Singh en Rao , 2005; Abou-Arab et al., 2010; Yadav et al.,2011). Deze geven een uitgesproken zoete smaak. Daarnaast bevatten de bladeren ook ß-caroteen, nilacine, riboflavine en thiamine. Stevia wordt beschreven in de Braziliaanse Farmacopee (5e ed. Farmacopeia Brasileira, 2010), die het (gedroogde) blad aangeeft als het gebruikte deel, waarbij die tenminste 12% van de totale koolhydraten en 4% steviosiden moet bevatten. Door zijn bijzondere eigenschappen behoort stevia de laatste jaren steeds meer tot een vast ingrediënt van voedsel- en drankbedrijven; ze gebruiken stevia om het voedsel en de drankproducten lekkerder (zoeter) te maken met minder calorieën.

Steviose

Momenteel zijn er twee belangrijke zoetstoffen uit stevia die gebruikt worden: stevioside en rebaudioside A. Deze worden ook wel steviolglycosiden of E960 genoemd, het officiële nummer dat ze als voedseladditief hebben gekregen. Volgens het Kenniscentrum Zoetstoffen is steviolglycoside (of stevioside of rebausioside) ca. 200-300 keer zo zoet als suiker (sacharose) en levert het geen calorieën. Met ingang van 2 december 2011 zijn steviolglycosiden in de Europese Unie toegelaten als zoetstof in levensmiddelen. Van meet af aan was er interesse in stevioside, de meest voorkomende van de acht glycosiden die in de steviaplant worden gevonden, maar de laatste jaren komt ook rebaudioside A, het kleine maar zoetere broertje van stevioside steeds meer onder de aandacht. Het voordeel van deze rebaudioside A is dat deze glycoside niet zo’n bittere nasmaak heeft, wat bij stevioside meer het geval is. We kennen stevioside inmiddels als een wit poeder dat gewonnen wordt uit de steviaplant met behulp van een aantal milieuvriendelijke processen. Jammer genoeg vinden wetenschappers in zowel het Verre Oosten als de Verenigde Staten de stevia blijkbaar nog niet goed genoeg en zijn ze daarom op zoek naar manieren om via genetische manipulatie het percentage stevioside te verhogen.

Medische indicaties

Diabetes

Er zijn een paar klinische studies die rapporteren dat de fytochemische glycoside stevioside de bloeddruk vermindert bij patiënten met milde hypertensie en het bloedglucosegehalte bij type 2 diabetische patiënten verlaagt. Bovendien is er ook aangetoond dat de patiënten geen nadelige gevolgen ondervinden door het gebruik van stevioside. Pas geleden (februari 2017) hebben wetenschappers van de KU te Leuven ontdekt hoe stevia de bloedsuikerspiegel controleert. Ze hebben ontdekt dat stevia een eiwit stimuleert dat essentieel is voor onze smaakbeleving en voor het afgeven van insuline na de maaltijd. Het versterkt de pancreas-bèta-celfunctie en de smaakwaarneming door potentiatie van de TRPM5-kanaalactiviteit. TRPM5 staat voor transient receptor potential cation channel subfamily M member 5. Het is een membraaneiwit dat Na+- en K+-ionen doorlaat en zo de cel depolariseert wanneer hij wordt geactiveerd door een oplopende Ca2+-concentratie binnenin de cel. Stevia verhoogt de Ca2+. Het schakelt de genen voor die zoetreceptoren uit. Het is eigenlijk vrij simpel: alles draait om de smaak. De waarneming van smaak gebeurt in de smaakpapillen in onze tong. Deze papillen bevatten smaakreceptoren, gespecialiseerde eiwitten die in staat zijn om smaakstoffen in voedsel en drank te herkennen. Wanneer smaakstoffen de smaakreceptoren raken, gaat een microscopisch klein sluisje – TRPM5 genaamd – in de smaakpapil open. Daardoor ontstaat een elektrisch signaal in de smaakpapil, dat via de zenuwbanen naar onze hersenen gaat, waar het wordt vertaald in een smaaksensatie. En stevia doet dit op een specifieke manier. Wanneer TRPM5 gestimuleerd wordt, zal het de pancreas meer insuline laten produceren. Het effect is dat de bloedsuikerspiegel beter onder controle gehouden wordt en mogelijk de ontwikkeling van diabetes kan voorkomen.

Antibateriële eigenschappen

Een van de redenen waarom stevia de laatste tijd veel onderzocht wordt is dat door de chemische samenstelling en de fytochemische verbindingen het geschikt is als grondstof voor de extractie en productie van voedingsproducten. Studies zijn er op gericht om de antimicrobiële eigenschappen van stevia-extract op pathogene en voedselbedervende bacteriën te testen. Het effect van stevia-extract op grampositieve en gramnegatieve bacteriën is uitvoerig onderzocht. Met name op de Bacillus cereus, Lactobacillus Plantarum, Leuconostoc mesenteroides, Salmonella typhimurium en Salmonella enterica vertoont stevia een remmend en kiemdodend effect. Onderzoeksresultaten van één studie toonden dat stevia-extract de groei van voedselpathogenen en bederfbacteriën kan voorkomen. Een andere studie uit 2015 in Tamil Nadu (Department of Botany & Research Centre) India, was er op gericht om te kijken of de antibacteriële activiteit van stevia tegen bepaalde bacteriën (Staphylococcus aureus, Pseudomonas aeruginosa, E. coli, Klebsiellapneumoniae Proteus vulgaris) voldoende werkte. Uit het resultaat kon wordt geconcludeerd dat stevia antibacteriële activiteit liet zien en daarom ook als geneesmiddel gebruikt kan worden.

Het laatste onderzoek door de Department of Microbiology, Wilson College, Mumbai, onderzocht de antimicrobiële activiteit van stevia tegen de antibiotica-resistente ESBL-producerende uropathogenen. ESBL staat voor Extended Spectrum Beta Lactamases. ESBL’s zijn enzymen die penicillines en cephalosporines onwerkzaam maken door ze te hydrolyseren. ESBL-producerende (positieve) bacteriën zijn hierdoor resistent tegen deze antibiotica. Ruim driekwart van de urineweginfecties wordt door deze bacteriën veroorzaakt. Het methanolische extract van Stevia Rebaudiana bleek zeer effectief te zijn tegen de antibiotica-resistente ESBL-producerende uropathogenen. Zo heeft stevia potentieel om te worden gebruikt als alternatieve therapie voor patiënten met urineweginfecties.

Anti-borreliae

In andere artikelen (zoals over Cistus incanus) hebben we al gezien dat van sommige planten bewezen is dat ze doeltreffendheid zijn in de strijd tegen de borrelia en de biofilm. De voor de hand liggende vraag is nu, hoe stevia de zeer resistente borrelia-biofilm kan beïnvloeden. We hebben kunnen lezen dat de antibacteriële eigenschappen van stevia bewezen zijn en dat de glycoside stevioside hierbij een rol speelt. Wat meer duidelijkheid geeft over het effect van stevia op borrelia en de biofilm is een onderzoek dat recent gepubliceerd is en voortkomt uit een andere studie, gepubliceerd in 2015 in het European Journal of Microbiology and Immunology, met als titel “Effectiviteit van het volledige bladextract van Stevia Rebaudiana tegen de verschillende morfologische vormen van Borrelia Burgdorferi in Vitro”. Het onderzoek is uitgevoerd door onderzoekers van de afdeling Biologie en Milieukunde, Universiteit Van New Haven, West Haven, CT. Voor dit onderzoek werden verschillende stevia-extracten gebruikt, namelijk Nutramedix®, Now®, Sweet leaf® en Truvia®. Deze extracten werden gekocht in Health Food Stores in de Verenigde Staten en werden willekeurig gelabeld als stevia A, B, C en D. De extracten A, B en C waren extracten op basis van alcohol, terwijl extract D werd gekocht in een poedervorm en opgelost in gedistilleerd water. Daarnaast werd ook gebruik gemaakt van pure stevioside. Gezien de effectiviteit van steviabladextract in laboratorium- en klinische studies, is in dit onderzoek gekeken naar het antimicrobiële potentieel van stevia(bladextract) tegen de in de ziekte van Lyme voorkomende pathogeen B. burgdorferi en al zijn verschillende morfologische vormen. Om het steviaextract effectief te evalueren, is het vergeleken met de antibiotica Doxycycline, cefoperazone en daptomycine en hun combinaties.

Uit de verschillende extracten van stevia bleek dat de effectiviteit van de alcohol extracten met stevia (Stevia A, Stevia B en Stevia C) een beter effect blijken te hebben op Borrelia persisters in vergelijking met de poedervorm van stevia (Stevia D) en de gezuiverde stevioside. Deze laatste twee bleken nauwelijks of geen effect te hebben. Ook bleek daarentegen dat een van de stevia-verbindingen, Stevia A, de Borrelia persisters aanzienlijk beter elimineerde in vergelijking met andere stevia-extracten. Aangezien stevia A effectief was bij het elimineren van Borrelia persisters, werd stevia A gekozen om de effectiviteit van de verschillende morfologische vormen van B. burgdorferi verder te onderzoeken.

In de volgende reeks experimenten vergeleken de onderzoekers de effectiviteit van Stevia A met de individuele antibiotica en de drie antibioticacombinaties. Ze constateerden al snel dat Stevia A, zelfs bij een lagere concentratie (1,2 μg/ml) de levensvatbaarheid van de groeifase van B. burgdorferi aanzienlijk kan elimineren. Volgens het rapport blijkt dat de antibiotica daptomycine en cefoperazone, wel effectief zijn tegen Borrelia persisters, maar ze deze niet volledig elimineren. De antibiotica doxycycline was effectief bij het elimineren van de spirocheten, maar niet de persisters van Borrelia. De studie geeft aan dat Stevia A, als individueel agent, zowel de spirocheten als de persisters van Borrelia kon elimineren, wat vergelijkbaar is met de gerapporteerde behandeling met de combinatie van de drie geneesmiddelen.

Biofilms

De uitslag van het bovenbeschreven onderzoek liet wel een duidelijk verschil zien tussen Stevia en de drie antibiotica toen ze getest werden tegen biofilms. Deze resultaten zijn feitelijk niet verwonderlijk tegen de achtergrond van de ons bekende informatie. We weten dat bij de ziekte van Lyme het toedienen van antibiotica meestal de primaire behandelingsvorm is. Maar we weten ondertussen ook dat in de meeste gevallen de bacteriën resistent worden of al zijn geworden tegen antibioticum en dat na een behandeling hierdoor een terugval plaatsvindt. Het komt steeds meer voor dat je als arts of therapeut merkt dat je bij bijvoorbeeld de ziekte van Lyme met de tot nu toe bekende behandelingen slechts minimale of onvolledige resultaten boekt. Een van de oorzaken hiervan is dat de Lyme-bacteriën ook een zogenaamd biofilmschild maken om zich te beschermen. Lyme-bacteriën zijn zelfs in staat om samen te werken met andere bacteriën om een schild te produceren om zichzelf te beschermen (University of New Haven, news release, Feb. 22, 2016). De meeste medicijnen en kruiden kunnen zeer moeilijk door dit schild heen dringen. Er wordt verondersteld dat de Lyme-bacteriën en hun co-infecties zich onder deze kleverige biofilm verbergen tot het veilig is om opnieuw te verschijnen. Een andere oorzaak, waar steeds meer aanwijzingen voor komen, is dat bepaalde antibiotica juist bacteriële biofilmvorming kunnen bevorderen. Het is zelfs nog verontrustender: onderzoekers ontdekten dat antibiotica de Borrelia-biofilm eigenlijk sterker maakt. De derde mogelijke oorzaak van het falen van de behandeling is dat nadat antibiotica een biofilm binnendringt er een aantal cellen genaamd “persisters” worden achtergelaten. Persisters zijn simpelweg cellen die de eerste aanval van antibiotica kunnen overleven en de biofilms geleidelijk weer opnieuw kunnen opbouwen. Dit is vooral het geval bij mensen met een zwak immuunsysteem.

Biofilm

Een biofilm is een laag micro-organismen omgeven door zelfgeproduceerd slijm vastgehecht aan een oppervlak. Deze slijmlaag wordt ook ‘ECM’, ‘Extracellulaire Matrix’, ‘matrix extracellularis’ of ‘Glycocalyx’ genoemd. Het is een term die gebruikt wordt om structuren aan te duiden die deel uitmaken van biologische weefsels, maar die zich buiten de cellen bevinden.

 

De studie met het Stevia rebaudiana-extract met een concentratie van 1,2 μg/ml liet duidelijk zien dat de groei en levensvatbaarheid van de biofilm met 40% aan werkzaamheid verminderde, op zowel kunststof- als collageengecoate oppervlakken met aangetaste EPS-laag. De voor de hand liggende vraag hoe stevia de zeer resistente Borrelia-biofilm kan beïnvloeden, is nog niet helemaal duidelijk. Maar de relatie wordt gelegd met xylitol. Xylitol is een polyol (of suiker-alcohol) die wordt gebruikt als vervanger voor suiker. Het is ook een natuurlijke zoetstof. Bekend is dat deze fungeert als een antiplaque agent door de vorming van biofilms te verstoren. In een studie bleek dat xylitol de productie van adhesieve polysacchariden van Streptococcus mutans beïnvloedt. Xylitol heeft een duidelijk remmend effect op de vorming van de biofilms. Daarom wordt verondersteld dat stevia als suikerderivaat optreedt en door de opname van de fytochemicaliën die verantwoordelijk zijn voor het antimicrobiële effect de biofilmstructuur kan verstoren.

Conclusie

We weten al een tijdje dat de steviaplant veel gezondheidsvoordelen in zich draagt. Maar niet alle stevia-extracten zijn even effectief, als gevolg van zowel de teelt als de productiemethoden die invloed hebben op de werkzame bestanddelen. Zoals vaak binnen de fytotherapie moet je als je wilt profiteren van de voordelen van een plant de meest krachtige vorm gebruiken. In het geval van stevia is dat het bladextract. Het extract van het steviablad heeft vele componenten met bekende antimicrobiële eigenschappen tegen veel ziekteverwekkers. Het is daarom een waardevol product binnen de therapeutische praktijk ter ondersteuning van verschillende klachten. Maar zeker bij het behandelen van de ziekte van Lyme hoort stevia een vast onderdeel te zijn binnen het behandelingsprotocol zoals bij het Cowden-protocol of het Epigenar-protocol.

© Ed van der Post

Het is mogelijk om zelf stevia te telen. Voor €2,50 heeft u 50 biologische steviazaadjes. Klik hier om te bestellen

 

 

 

Referenties

Philippaert, K. et al. Steviol glycosides enhance pancreatic beta-cell function and taste sensation by potentiation of TRPM5 channel activity. Nat. Commun. 8, 14733 doi: 10.1038/ncomms14733 (2017).

Theophilus P., Victoria M., Socarras K., Filush K., Gupta K., Luecke D., et al. (2015) Effectiveness of Stevia rebaudiana whole leaf extract against the various morphological forms of Borrelia burgdorferi in vitro. Eur J Microbiol Immunol 5: 268–280 (PUBmed)

Antibacterial Effects of Stevia rebaudiana Bertoni Extract on Pathogenic Bacteria and Food SpoilageArticle 8, Volume 07, Issue 1, Winter and Spring 2017, Page 57-64

Comparative Anti-Microbial Study of Different Parts of Stevia Rebaudiana Bert against Different Microorganisms Muhammad Hussain1 , Sulaiman Bahadar 2 , Malik Mujaddad Ur Rehman2, Fahad Ali 4 , Tariq Mahmood1 , Syed Wajid Ali Shah1 , Zarnab Zainab3 , Komal Habib2 , Azam hayat2 , Muhammad Ayub Jadoon2 , Najeebullah1 , Umar Ali5

ANTIBACTERIAL ACTIVITY IN MEDICINAL PLANT (STEVIA REBAUDIANA ) USING TWOSOLVENTS Sunitha.V*, Irene wilsy J and Reginold.M. International Journal of Recent Scientific Research Research Vol. 6, Issue, 7, pp.5070-5071, July, 2015

International Journal of Advanced Research in Biological Sciences. Antimicrobial activity of Stevia rebaudiana against antibiotic resistant ESBL producing uropathogens and evaluation of its antioxidant activity. Darshana Raut and Aruna K* ISSN: 2348-8069

Antimicrobial assay of Stevia rebaudiana Bertoni leaf extracts against 10 pathogens Sumit Ghosh, Enketeswara Subudhi *, Sanghamitra Nayak Center of Biotechnology, Siksha ‘o’ Anusandhan University, Bhubaneswar, India

 

 

DELEN