Hyperthermie en baarmoederhalskanker

DELEN

Baarmoederhalskanker en hyperthermie

hyperthermie

Uit een recent onderzoek blijkt dat hyperthermie een belangrijke rol kan spelen in de behandeling van baarmoederhalskanker. Uit een mede in Nederland uitgevoerd onderzoek blijkt dat hyperthermie, aanvullend toegepast naast de combinatiebehandeling van chemo-therapie en bestraling, bij gevorderde baarmoederhalskankerpatiënten (stadium III en IV) zorgt voor 77% complete remissies en 47% 5-jaars overlevingen. Dit blijkt uit een nadere analyse van de patiënten die niet aan de gerandomiseerde studie meededen, opgezet en uitgevoerd door o.a. het Erasmus Medisch Centrum Rotterdam bij o.a. Coby van der Zee.

In Nederland bestaat sinds een jaar een stichting die het onderzoek naar en de behandeling met hyperthermie wil bevorderen en ondersteunen, en hyperthermie toegankelijk probeert te maken voor een grotere groep mensen, tegen een betaalbare prijs en op een acceptabele afstand. Deze stichting zit in het Centrum Hyperthermie (ACH) in Amsterdam. De reden om hierover te schrijven is de onduidelijkheid t.a.v. het bestaansrecht van hyperthermie. Het begint al met de vraag: is deze geneeswijze complementair of valt het onder de reguliere geneeswijzen? Zo zegt bijvoorbeeld de St. Nationale fonds tegen kanker dat hyperthermie een complementaire geneeswijze is, terwijl het KWF het als een reguliere behandeling beschouwd. Ook als je zoekt bij de bekende antiorganisaties staat hyperthermie te boek als complementair, terwijl hyperthermie toch door ziekenhuizen zoals het AMC en het Erasmus wordt gegeven, alsmede door particuliere instellingen.

Wat is hyperthermie eigenlijk?

Hyperthermie is een therapeutische methode die de verwarming van weefsel (plaatselijk of het hele lichaam) gebruikt om een lichamelijke reactie op te wekken. Deze lichamelijke reactie zorgt voor stimulatie van de celactiviteit, de afvoer van toxinen door een verhoogde lichaamsvochtstroom, en een revitalisatie van weefsel. De achterliggende werking is de ‘heat-shock’-respons. Dit is een universeel en essentieel adaptief mechanisme dat cellen in staat stelt te reageren op verschillende schadelijke prikkels. De cellen maken heat-shock-proteïnen (HSP’s) aan als ze onder stress staan; als ze zich moeten beschermen tegen hitte, of juist kou, of tegen giftige stoffen. De belangrijkste functie van deze eiwitten is dat ze andere eiwitten in de cel beschermen. Daarom heten ze ook wel ‘chaperonnes’. Zo worden ze geïnduceerd onder stress (temperatuurwijzigingen, glucosegebrek, oxidatieve stress, virusinfecties en andere pathologische omstandigheden). HSP’s worden onderverdeeld in verschillende families, gebaseerd op hun moleculaire massa (kleine HSP’s, HSP60, HSP70 en HSP90). Kleine HSP’s, zoals HSP27, zijn belangrijk bij de microfilamentorganisatie, celgroei en -differentiatie, en bij het beschermen van cellen tegen apoptose geïnduceerd door hyperthermie, inflammatoire cytokinen en oxidatieve stress.

Hyperthermie betekent letterlijk ‘verhoogde temperatuur’. Al meer dan een eeuw geleden werd geobserveerd dat bij enkele patiënten kanker genas na het doormaken van een infectie met hoge koorts. Koortsbehandeling werd daarom in het verleden toegepast bij patiënten met kanker. Een nadeel van de koortsbehandeling die destijds werd toegepast is dat patiënten hier erg ziek van kunnen zijn, en dat de hoogte van de temperatuur niet goed te controleren is. Toch zag men al in de oudheid, dat ziekten na een hoge koorts vaak verdwenen. Het verband met de verhoogde temperatuur werd gelegd, ook al wist men niet precies hoe dat werkte. Rond 1860 beschreven verschillende artsen de spontane genezing van kanker bij patiënten met hoge koorts. Daarna is verspreid onderzoek gedaan naar het effect van kunstmatig opgewekte koorts op het verloop van kanker. We moeten hierbij niet vergeten dat de bekende ‘warme-klei-kompressen’ of ‘pakkingen’ al gebruikt werden om warmte op te wekken, en niet te vergeten de sauna’s. De normale temperatuur van het lichaam is ongeveer zevenendertig graden Celsius. Bij hyperthermie wordt de temperatuur in het begin verhoogd tot veertig à vijfenveertig graden Celsius. Dat heeft verschillende uitwerkingen. Zo wordt het behandelde gebied bijvoorbeeld beter doorbloed, wat onder meer helpt bij ontstekingen. De technologische mogelijkheden om gecontroleerd de temperatuur lokaal te verhogen namen toe, en hyperthermie leek een werkzaam wapen te worden in de behandeling van kanker. De opkomst van chemotherapie en bestraling verdrong de hyperthermie echter naar het tweede plan. In 1975 werd de eerste wereldwijde conferentie (oncologisch) over hyperthermie als aanvullende behandeling bij kanker gehouden. Sinds die tijd staat hyperthermie weer meer in de belangstelling.

Tegenwoordig weten we dat een temperatuur van veertig tot vijfenveertig graden Celsius, dus slechts enkele graden boven de normale lichaamstemperatuur, dodelijk kan zijn voor kankercellen. Er zijn nu gelukkig betere manieren beschikbaar om de temperatuur te verhogen: met behulp van microgolven kan lokaal, in de omgeving van de tumor, een gecontroleerde temperatuurverhoging worden bereikt. De moderne hyperthermiebehandelingen zijn daarmee veel minder belastend voor de patiënt dan de oorspronkelijke koortsbehandeling.

Hoe werkt hyperthermie

Het is bekend dat kankercellen slechter tegen een licht verhoogde temperatuur kunnen dan gewone cellen. Dit komt omdat in kankerweefsel de bloedvaten minder goed aangelegd zijn dan in normaal weefsel. Als gevolg hiervan ontstaan in kankerweefsel gebieden waar de aanvoer van zuurstof, en ook de afvoer van afvalstoffen, tekort schiet. In dat soort gebieden zijn de cellen niet goed bestand tegen een verhoging van de temperatuur.

Bij een hyperthermiebehandeling wordt de tumor daarom verwarmd tot een temperatuur van veertig à vijfenveertig graden Celsius, gedurende een uur of langer. Een gedeelte van de kankercellen gaat daaraan dood, terwijl het gezonde weefsel door deze hoge temperatuur niet wordt aangetast. Echter, als hyperthermie de enige behandelmethode zou zijn die werd toegepast, zou slechts een gedeelte van de kankercellen verdwijnen. Vandaar dat hyperthermie vrijwel uitsluitend wordt toegepast in combinatie met een andere behandelmethode, zoals radiotherapie of chemotherapie. De hyperthermiebehandeling kan het effect van de andere behandelingen vergroten. Coby van der Zee schreef: “Overall, Hyperthermia is probably the most potent radiosensitise known to date” (Annals of ONCOLGYB 13:1173-1184 2002, http://annonc.oupjournals.org/cgi/content/full/13/8/1173).

Er zijn twee vormen van hyperthermie die in het MCC (Medical Center Cologne) en het ACH (Centrum Hyperthermie in Amsterdam) worden uitgevoerd:

1) de ‘Totalbody hyperthermia’, ook wel koortsbehandeling genoemd, waarbij de patiënt in een koortssituatie tot ongeveer veertig graden Celsius  wordt gebracht (deze behandeling duurt ongeveer 5 uur);

2) de lokale hyperthermie, waarbij slechts een deel van het lichaam d.m.v. een electromagnetisch veld wordt verwarmd (deze behandeling duurt ongeveer een uur).

De ‘Totalbody hyperthermia’ wordt meestal eenmaal per week uitgevoerd. In een hyperthermiebed wordt in een tijdspanne van ongeveer drie uur de lichaamstemperatuur van zevenendertig tot ongeveer 40,5 graden Celsius verhoogd. Daarna wordt de lichaamstemperatuur ongeveer een uur constant gehouden, en dan wordt deze langzaam weer tot ongeveer zevenendertig graden Celsius teruggebracht. De hyperthermie wordt zeer goed verdragen en de enige contra-indicatie is een ernstige hartziekte (vers hartinfarct, angina pectoris of ernstige ritmestoornissen). Daarom wordt er voor het begin altijd eerst een electro-cardiogram gemaakt en bij twijfel een cardiologisch onderzoek uitgevoerd. Een dergelijke hyperthermiebehandeling duurt, alles inbegrepen, ongeveer vijf uur. Alle belangrijke lichaamsfuncties, zoals de temperatuur, elektrocardiogram, pols, zuurstofgehalte van het bloed, bloeddruk, etc., worden door een computer bewaakt en geregistreerd. Het is zinvol tenminste twaalf tot vierentwintig hyperthermiebehandelingen te ondergaan. Daarna wordt meestal een langere pauze ingelast.

Hyperthermie kan heel goed worden gecombineerd met een eventuele chemotherapie en/of bestraling. Een chemotherapie werkt veel sterker gedurende een periode van koorts, en daarom kan men met duidelijk minder chemotherapiemiddelen een goed anti-kankereffect hebben. En zo worden de bijwerkingen van de chemotherapie sterk verminderd. Een vergelijkbaar effect heeft koorts op de effectiviteit van bestraling. Maar hyperthermie alleen heeft ook een zeer duidelijk effect op kankercellen. Vanaf ongeveer achtendertig graden Celsius wordt het immuunsysteem sterk geactiveerd om infecties tegen te gaan, en het doden van abnormale (kanker-) cellen wordt dan bevorderd. Vanaf ongeveer 39,5 graden Celsius heeft de koorts een direct anti-kankereffect en worden kankercellen direct gedood. Bij virusinfecties zoals b.v. hepatitis, maar ook bij kanker, is dit een belangrijke ondersteunende therapie. Vroeger werd hyperthermie vooral toegepast bij infecties, binnen de natuurgeneeskunde. Kinderen en mensen met koorts werden warm ingepakt als ze al koorts hadden om hierdoor de temperatuur te verhogen. Naderhand kwamen er ook methoden om de lichaamswarmte actief te verhogen, zoals sauna’s en warme baden. De laatste decennia is hyperthermie ook in de belangstelling gekomen omdat de methode werkzaam zou zijn tegen kanker. Daarom is men de methode ook gaan toepassen in academische centra om de werking en werkzaamheid ervan wetenschappelijk te kunnen bewijzen. Daarnaast is er in de complementaire geneeskunde ook een hyperthermie-stroming, die voortgekomen is uit de natuurgeneeskundige benadering.

Verschillen in Nederland

Wat zijn de belangrijkste verschillen tussen de in Nederland in academische centra toegepaste hyperthermie en de behandelingen die door de ‘complementaire’ artsen worden toegepast? In principe is er geen onderscheid in de techniek. Toch is er wel duidelijk onderscheid tussen hyperthermie in de reguliere en in de complementaire setting. De reden hiervoor ligt in het feit dat er binnen de reguliere geneeskunde twijfel bestaat aan de kwaliteit van veel toegepaste hyperthermiebehandelingen. Het gaat hierbij met name om de vraag of er voldoende hoge temperaturen bereikt worden. Er wordt dus ook veel aandacht besteed aan het meten van de bereikte temperaturen en aan het verbeteren van methodes om deze te meten. Omdat de reguliere hyperthermie veelal in universitaire centra plaatsvindt, zijn er voor dit soort fundamenteel wetenschappelijk onderzoek vaker de faciliteiten en fondsen beschikbaar.

Ook binnen de niet-reguliere geneeskunde worden twee verschillende types hyperthermie toegepast: de plaatselijke methode en de totale lichaamshyperthermie. Voor de locale hyperthermie wordt vaak gebruik gemaakt van een commercieel verkrijgbaar apparaat dat werkt via een elektromagnetisch veld, met een frequentie van 13,56 MHz. Het heeft twee elektrodes of applicatoren, onder en boven, en voor elk van beide kan een grote en kleinere variant gebruikt worden. Hierdoor, in samenwerking met de ingebouwde elektronica, kan goed op een tumor gefocust worden, zowel in ledematen, romp als hoofd. Ook voor de totale lichaamshyperthermie wordt veelal een commercieel verkrijgbaar apparaat gebruikt. Hierbij wordt het lichaam verwarmd door middel van infraroodstraling, waarbij speciale filters het lichaam beschermen tegen verbranding. Met deze methode kunnen temperaturen tot tweeënveertig graden Celsius bereikt worden, maar veelal gaat men niet hoger dan 40,5 graden. Diverse gezondheidsparameters van de patiënt kunnen worden gemonitord, zoals lichaamstemperatuur, ECG en zuurstofverzadiging van het bloed.

In de praktijk is hyperthermie, zoals die in het Centrum Hyperthermie in Amsterdam wordt toegepast, geschikt voor de behandeling van kanker in borst, baarmoeder, eierstokken, vagina, prostaat, anus/rectum, slokdarm, huid (melanoom), sommige bot- en lymfekankers, uitzaaiingen in de hals/nek, glioblastoma (hersentumor), blaas en long.

Hoe lang een patiënt elke keer wordt behandeld, wordt bepaald door de arts van het Centrum Hyperthermie, in overleg met de behandelend arts van de patiënt. Meestal duurt een behandeling één à twee uur. Tijdens die behandeling is permanent een arts in het centrum aanwezig. De behandelaars controleren de patiënt continu, en houden onder meer hartslag, temperatuur en bloeddruk in de gaten.

Binnen een kankerbehandeling worden in de regel één tot twee hyperthermie-behandelingen per week toegepast. Ziekenhuizen krijgen de hyperthermie-behandelingen niet vergoed, en hebben daardoor budgettaire beperkingen. Mede hierdoor is hun aanbod van deze behandelingen beperkt. In het Centrum Hyperthermie betalen de patiënten zelf de kosten van hun behandeling en daardoor kan het aanbod dieper en breder zijn dan in de ziekenhuizen. In ziekenhuizen werken de artsen met een vrij strak protocolbeleid. Dat wil zeggen dat er weinig ruimte is voor individuele aanpassing van de behandeling. In het Centrum Hyperthermie is die beperking er niet en kan iedere behandeling worden aangepast op de patiënt zelf. Ze hechten er veel waarde aan om wetenschappelijk te werk te gaan, maar ze passen het begrip ‘evidence based’ op een liberale manier toe. Hierdoor kunnen ze meer soorten hyperthermie-behandelingen aanbieden. De patiënt wordt in alle gevallen uitvoerig en op een medisch en ethisch verantwoorde wijze, open en eerlijk voorgelicht over de mogelijke effecten van de voorgestelde behandeling op zijn/haar ziekteproces.

Conclusie

Hyperthermie is een onderbouwde therapie die aanvullend en ondersteunend een bijdrage kan leveren bij de behandeling van kanker. Feit is dat deze therapie uitsluitend door een arts kan worden uitgevoerd. Het enige probleem is dat een klinisch bewijs dat hyperthermie daadwerkelijk de uitkomst van de ziekte verbetert nog ontbreekt, vooral omdat er nog onvoldoende onderzoek beschikbaar is. De belangrijkste reden hiervoor is dat de protocollen en onderzoeksmodulen niet zijn afgestemd op de techniek en de doelgroep. Bovendien kost het zeer veel geld, en niemand wil dit uitvoeren. Maar afgaande op wat er over de invloed van hyperthermie op kankercellen bekend is, is het een concept dat verdient in de praktijk toegepast te worden. In het buitenland (o.a. Duitsland en de Verenigde Staten) wordt dit in een aantal ziekenhuizen ook veel meer gedaan dan in Nederland. Met name uit de Verenigde Staten (zie bijvoorbeeld Joan Bull, University of Texas) worden hoopgevende resultaten van deze behandelwijze gemeld. Het is jammer dat de oncologen in Nederland daar weinig mee doen, ook al hebben ze het zelf voorhanden.

Centrum Hyperthermie Amsterdam

Afgelopen maart is het Centrum Hyperthermie van start gegaan, een kliniek waar patiënten met deze therapie kunnen worden behandeld. Directeur van het Centrum Hyperthermie in Amsterdam is drs. Z. Bachrach. Het centrum hyperthermie wil proberen de uitkomst van de behandelingen te verbeteren, door al veel eerder, liefst in het begin van de behandeling met chemo- of radiotherapie, ook hyperthermie toe te passen (telkens 24 uur voor de behandeling). Het Centrum Hyperthermie past alleen lokale hyperthermie en –selectief– ‘total body’-hyperthermie toe.

Drs. Z. Bachrach

Centrum Hyperthermie

Baron G.A. Tindalplein 91

1019 TW Amsterdam

Telefoon: 020-4192145

Mobiel: 06-21236127

Internetsite: www.hyperthermie.info

E-mailadres: info@hyperthermie.info

 

 

DELEN